Het is al weer zo'n 50 jaar geleden dat ik de kweekschool (nu: PABO) doorliep om het onderwijs in te gaan. Tijd om eens terug te blikken op de jaren van Magister Vocat waar ik mij op mijn beroep voorbereidde. De school viel onder de Congregatie van de Broeders van Maastricht waarvan het klooster was gevestigd op de Postjesweg 124, het adres waar ik mij in maart 1966 aanmeldde.

 

De (toen nog) Kweekschool "Magister Vocat", Jan Tooropstraat 136

Magister Vocat voor mijn beroep

Denkend aan Magister Vocat begin ik bij Broeder Albertinus die mij in maart 1966 in het broederklooster aan de Postjesweg aannam uit een aanbod van, naar ik later begreep, wel 3 keer zoveel aanmeldingen.

Het Broederhuis, destijds het laatste gebouw aan de rand van de vooroorlogse stad, staat er nog steeds, is nu café Bartack, en als ik er nu langs kom, is dat telkens met de wetenschap dat de basis voor mijn 45-jarige onderwijsloopbaan is gelegd vlak achter het eerste raam links naast de voordeur waar toen de spreekkamer was …. 

Het klooster aan de Postjesweg 124 waar ik mij bij directeur Broeder Albertinus aanmeldde voor (toen nog) kweekschool Magister Vocat.

 

Met de eerste 3 jaar van de h.b.s. als ondergrond ervoer ik de start als een makkie. Het onderwijs was, geheel volgens de tijdgeest, heel schools. Wie te laat kwam, zag zijn naam door Albertinus op het bord in de hal genoteerd en moest na schooltijd tafels afstoffen. Bij herhaling stond terugkomen op zaterdag als sanctie, want in tegenstelling tot mijn vorige school, het St. Nicolaaslyceum, hadden we op Magister Vocat de vrije zaterdag, een luxe in die tijd!

De eerste 2 jaren waren a.h.w. voorbereidende jaren met de vakken die parallel liepen met het h.b.s.-niveau, zoals Engels en Frans van Broeder Nolascus, biologie van Broeder Theowald, bekend om zijn proefschrift over langpootmuggen, aardrijkskunde van Van Eijk, die ons steeds wel heel lang liet wachten op de correctie van de proefwerken.

De kweekschool had docenten met liefde voor hun vak, maar de voorbereiding op ons vak van onderwijzer was bij een aantal van hen wel heel minimaal. Ik herinner me dat we bij sommige docenten expliciet moesten vragen waar de didactiek bleef …
Van een aantal docenten herinner ik me nog gedetailleerd hun wederwaardigheden.

Muziek en blokfluit

Peelen bracht ons 4 jaar lang muzikale vorming. De blokfluit stond hierbij centraal. Voor de meesten betekende het ook voor het eerst muzieknoten lezen. Aan het eind van het 4e jaar verviel het examen wegens het invoeren van de nieuwe zogenoemde ongedeelde opleiding. Peelen vond echter dat, hoewel het examen er niet meer was, er toch een toetsing voor zijn vak moest worden afgenomen. Daar is toen uitgebreid en heftig over gediscussieerd. Uiteindelijk kwam er voor elk van ons apart een gematigde toetsing voor zijn vak, herinner ik me.

Peelen was een kei in zijn vak, en stelde hoge eisen aan onze muzikale opleiding. Daarnaast herinner ik me de kerstvieringen in de aula waarbij hij alles uit de kast trok, met een compleet orkest dat hij met passen en meten een plek gaf in de overvolle aula. In de week voor de kerst werd elke dag met de hele school gerepeteerd en nog eens afzonderlijk met het koor en orkest. In de aanloop naar een van deze kerstvieringen werd hij ziek, maar tijdens de uitvoering was hij er desondanks.

 

De stijlvolle aula met parketvloer, toneel en orgel was een van de extra luxe voorzieningen die hun dienst bewezen tijdens de culturele manifestaties die hier regelmatig werden gehouden( links), het gebouw aan de Jan Tooropstraat 136 kort na de oplevering in 1963 (midden), de klas van het examenjaar 1971 waar ik deel van uitmaakte met docent en later adjunct-directeur Theo Smits.

 

Twee specialisatievakken

Nog zo’n kei in zijn vak was broeder Darius. Ongeacht welk deel van de geschiedenis, hij kon er machtig over vertellen. In het 4e jaar trok hij zich terug in de Achelse Kluis en kregen we broeder Willibrord. Het 5e jaar was hij weer terug en deed ik bij hem mijn geschiedenisspecialisatie, een nieuwe fenomeen in de toen net vernieuwde opleiding.

Het andere specialisatievak dat ik het laatste jaar koos was tekenen. De eerste jaren hadden we Henkus voor tekenen, later Piet van Zon. Ik herinner me nog dat wij als studenten ons bij hem afvroegen waar het onderdeel tekendidactiek bleef. In de lessen die daarop volgden ging hij ons eindeloos allerlei teksten dicteren over tekendidactiek. Op de vraag of dat niet op stencil kon, antwoordde hij dat het jaar daarop alles op papier zou worden uitgereikt ….

Wat we wel kregen was de zogeheten didactische bordschets. Op alle kleine schoolborden in het tekenlokaal verschenen van elke student de prachtigste tekeningen om een les te kunnen ondersteunen. Als leerkracht heb ik de eerste jaren met sinterklaas nog wel eens een bordtekening gemaakt waar de kinderen vol bewondering naar keken en welke (te) lang nog op het bord bleef staan. En ... op zolder ontdekte ik onlangs nog een stapel tekeningen uit mijn schooltijd die ik zeker nog eens via mijn website voor het voetlicht wil brengen!

Twee van mijn schooltekeningen (1969-1970). Klik erop voor een vergroting.

"Schrijf door"

Van de Pavert was een docent die je beter niet tegen je kon hebben. Bovendien gaf hij heel veel vakken en kon je dus nauwelijks om hem heen: wiskunde, Duits, rekenen, schrijven, verkeer. Voor dat laatste was zelfs een speciaal examen en diploma. Ik herinner me nog dat hij ons deelgenoot maakte van zijn leedvermaak toen een van ons, Wil Kreike, in de middagpauze op zijn brommertje enkele rondjes op de stoep voor de fietskelder reed toen hij door passerende agenten daarvoor op de bon werd geslingerd. Overigens liet Jo van de Pavert in onze studietijd een schrijfmethode van zijn eigen hand verschijnen voor het basisonderwijs onder de titel "Schrijf door". De titel sloeg op het verbonden schrijven van elk woord zonder je pen op te tillen tot de laatste letter van het woord. Zijn ideale methode moesten ook wij als studenten ons eigen maken en ik kan je verzekeren dat ik nog steeds zelf met gemak zijn schrijfmethode toepas!

Henk Ras was onze gymdocent en liet ons de eerste jaren aan het begin van elke gymles altijd steevast met viertallen vele malen de zaal oversteken waarop hij op zijn trommel ons ritmisch begeleidde. In de hogere klassen moesten we aan onze medestudenten om de beurt een gymles geven, wat hij onderlinge instructie noemde.

Studiedriedaagse

De docenten-geestelijken Wortmann en later Elsakers zorgden voor de katholieke signatuur. Het laatste jaar behaalden we ons godsdienstdiploma door deel te nemen aan de driedaagse in Noordwijkerhout. De reis verliep in de eend van Frans van Wakeren. 
Ik herinner me de nachtelijke strandwandelingen in de sneeuw en de gezelschapsspelen in dit voormalige seminarie. Smits en Smit streden als neerlandici op het scrabblebord om de meeste punten. Pierre Hendrickx hield een steengoede “powerpointpresentatie” over Che Guevara. Namens het bisdom woonde vicaris Stieger een dag onze discussies bij en hij ondertekende ook het godsdienstdiploma.
Theo Smits

Wie in de R.K. kerk van toen furore maakte was dhr. Theo Smits die toen zelfs een keer met een foto op de voorpagina van de Volkskrant prijkte wegens zijn deelname aan het Pastoraal Concilie dat tot kerkvernieuwing wilde komen. Hoewel hij bij het vak cuma ons stimuleerde elke dag de krant te lezen en hij daar elke les ook even mee begon, deed hij die dag toen wij hem op zijn foto in de krant wezen nét alsof hij de krant nog niet had gezien.
Smits was op veel fronten een zeer ontwikkeld man en stak dat op school zeker niet onder stoelen of banken: hij liet ons ruimschoots delen in zijn kennis omtrent zijn opgravingen, zijn onderzoek naar de rederijkers als afronding van zijn studie Nederlands MO-B en zijn deelname aan de Teilhard de Chardin-beweging. Het laatste jaar werd hij adjunct-directeur met Henk Smit als directeur die daarmee broeder Modestinus opvolgde die op zijn beurt twee jaar daarvoor broeder Albertinus was opgevolgd.

Democratisering: overal roken

Het unieke van onze klas vond ik dat we als groep van 30 leerlingen 5 jaar bijeen zijn gebleven, zonder uitvallers. De democratiseringsgolf die eind jaren zestig toesloeg vanuit Beverwijk (zie https://debrug.ipabo.nl/websites/magistervocat2/MV1960_69/MV60-69_Onderwijs.html) ging grotendeels langs Magister Vocat heen. Ik herinner me slechts één bijeenkomst in de aula als reactie op Beverwijk. Of het zou het roken in de klassen moeten zijn dat in het laatste jaar tijdens de lessen mogelijk werd. Overal in de school verschenen toen betonnen bakken met zand en vanaf toen bleef het roken niet langer beperkt tot de aula. Want ja, waarom zou de docent wél en de student niet mogen roken tijdens de les, was toen de gedachte … 
Theo Smits, die altijd de ene sigaret met de andere aanstak, stopte hiermee in dat laatste jaar van de ene op de andere dag: als compensatie lurkte hij de hele les aan een lege pijp.
Nu ik dit schrijf, herinner ik me opeens dat Ricus Goossens, die helemaal vooraan zat, aan het begin van de les een keer een sigaret van Smits kreeg aangeboden als goedmakertje van de dag ervoor toen Ricus een antwoord van Smits op Ricus' vraag als "geouwehoer" betitelde en daarop door Smits meteen uit de klas werd gestuurd. Hij mocht de aangeboden sigaret zelfs meteen tijdens de les opsteken … 

Het laatste jaar werd onze klas van 30 studenten gesplitst. We hadden toen 2 dagen per week les in de dependance in de Orteliusstraat bij het broederklooster: pedagogiek van Rita Stroom en Nederlands van de toen net aangetreden John Verhallen. Ik herinner me nog zijn grote enthousiasme voor zijn vak en dan met name voor de schrijver Nescio.

Diplomauitreiking

Ik herinner me nog goed de dag waarop de diploma-uitreiking was: vrijdag 11 juni 1971. Nerveus stond de eerste groep van 15, waartoe ook ik behoorde, te wachten in de hal, toen Theo Smits bovenaan de houten trap verscheen (dezelfde trap die we de eerste jaren van Albertinus nooit mochten betreden) en ons meedeelde dat er weliswaar niemand was gezakt, maar dat ook niet iedereen was geslaagd: een aantal van mijn klasgenoten had n.l. een herexamen. Met name de nieuwe specialisatievakken hadden er bij sommigen flink ingehakt, begreep ik later.

Links: de stijlvolle hal van Magister Vocat met de houten trap die wij als studenten op last van broeder Albertinus niet mochten gebruiken, en van waaraf adjunct-directeur Theo Smits op 11 juni 1971 de uitslag van het eindexamen bekend maakte, Midden: de muurschildering vlak voor de opening aangebracht door tekenleraar Broeder Servatius. Rechts: de beeltenis van directeur Broeder Albertinus als dé motor achter de totstandkoming van de nieuwbouw met de diverse extra voorzieningen vanuit de Congregatie.

 

Na eerst 3 jaar als leerkracht heb ik er vervolgens 36 jaar directeursschap op zitten op drie achtereenvolgende, steeds grotere scholen, waarna ik vanaf 2010 beleidsmedewerker werd bij de ASKO, het Amsterdamse katholieke schoolbestuur met 33 basisscholen. Op 7 april 2016 nam ik in deze hoedanigheid met een feestelijke receptie afscheid van mijn bijna 45-jarige onderwijsloopbaan om van mijn pensioen te gaan genieten. Ik heb het wat onwezenlijke gevoel dat die jaren zijn omgevlogen ....

 

Meer herinneringen aan Magister Vocat vind je op https://debrug.ipabo.nl/websites/magistervocat2/Index.html

Meer over mijn wandeling in 2017 door het voormalige Magister Vocat lees je in mijn websiteartikel https://www.theodurenkamp.nl/artikelen-1/van-zuid-naar-nieuw-west