Corona: crisis en kans?

Niemand zal ooit hebben gedacht dat ons hele openbare leven nog eens stil zou komen te liggen als gevolg van het coronavirus. Besmettelijke ziekten waren altijd iets uit de geschiedenis, zoals de pest, de tyfus en de Spaanse Griep. Iets uit tijden waarin hygiëne en medische kennis te wensen overlieten. Beelden met mondkapjes zagen we met zekere regelmaat alleen in ontwikkelingslanden waar het weer eens fout was gegaan. En toen drie maanden terug in China het eerste coronageval opdook, vermoedde niemand dat dit ook ons land zou bereiken.

Dat het bij ons eind februari toch zo ver kwam, veroorzaakte een schok. En toen half maart ons land hierdoor nagenoeg op slot ging, kwam dit heel onwerkelijk over: als een soort horrorfilm die nu realiteit werd. 

Een onwezenlijke werkelijkheid

Vandaag drie weken geleden werd bekend dat alle horeca om 6 uur moest sluiten, gingen vanaf de volgende dag meteen alle scholen dicht en kregen we het dringende advies thuis te werken als dat maar even kon. En aldus zitten we nu alweer drie weken in een heel nieuwe werkelijkheid waarin we ons hebben te schikken. Behalve de zeer ouderen onder ons die de Tweede Wereldoorlog nog hebben meegemaakt heeft niemand een dergelijke ingrijpende crisissituatie aan den lijve ondervonden. 

De vorige crisis

Het afkondigen van de lockdown riep bij mij herinneringen op aan de oliecrisis: in feite de enige echte crisis in de afgelopen 75 jaar die als zodanig overkwam. Op 1 december 1973 gebeurde het: premier Joop den Uyl richtte zich die zaterdagavond om 8 uur rechtstreeks via de t.v. tot het Nederlandse volk. De boodschap was niet mis: we moesten ons vanaf nu blijvend instellen op een leefstijl waarin we zuiniger met energie om moeten gaan. Voor het eerst sinds de oorlog werd weer het distributiesyteem ingevoerd: benzinebonnen. En alle feestverlichting in de aanloop naar de kerst moest uit, net als in alle etalages. De winkelstraten waren vanaf die dag compleet donker en verlaten. De autoloze zondagen vanaf 4 november gingen nog door tot 6 januari: vanaf toen een maximumsnelheid van 100 km en tanken met benzinebonnen. En Minister Lubbers liet vanuit zijn eigen huis zien dat de gordijnen 's avonds dicht moesten. Bij ouderen riep dat herinneringen op aan de plicht tot verduistering in de oorlog ...

 

 

Premier Joop den Uyl in zijn tv-toespraak op 1-12-1973: "De tijden van weleer zullen nooit meer terugkeren ..."

 

 

 

Distributiebonnen voor benzine zoals deze werden ingevoerd m.i.v. 6-1-1974

Ik herinner me het crisisgevoel van die tijd nog, maar ook dat dit vanaf januari al weer snel wegebde: tanken kon eind januari al weer zonder benzinebonnen. Ik heb dan ook altijd nog het complete velletje als herinnering. Drie jaar later werd uit energiebesparing de zomertijd ingevoerd. Niks geen crisissituatie meer ... 

Hierop terugkijkend en om eerlijk te zijn: als het niet erger wordt dan de oliecrisis mogen we ons gelukkig prijzen. Het gaat nu immers niet om een "luxe-probleem" zoals gebrek aan olie t.g.v. een politiek conflict met het Midden-Oosten, het gaat nu om leven of dood, een besmettelijke ziekte die zijn weerga niet kent en waar wij nog geen vaccin tegen hebben.

Onderwijs dankzij sociale media

Als oud-onderwijsman kijk ik met gemengde gevoelens aan tegen de sluiting van de scholen. Enerzijds is het een zegen dat we de sociale media kunnen inzetten om het onderwijs toch nog in afgeslankte vorm door te laten gaan. Dit zou 10 jaar terug onmogelijk zijn geweest. Anderzijds is het gemis van vele weken normaal onderwijs natuurlijk een ramp. Er zijn immers groepen leerlingen die thuis nooit dié ondersteuning kunnen krijgen die nodig is. Bij terugkeer op school (nog wél voor de zomervakantie mag ik hopen) zal blijken dat niet alleen de opgelopen achterstand groot zal zijn, ook de onderlinge verschillen tussen leerlingen zullen zijn toegenomen! De laatste keer dat het onderwijs op een dergelijke wijze is getroffen was in de periode 1940-45 wegens de Duitse bezetting van schoolgebouwen en de hongerwinter.

De positieve kant van de medaille? Onderwijsland heeft heel snel het organiseren van onderwijs op afstand in de vingers gekregen. De door het lerarentekort toch al getroffen onderwijssector heeft in dit opzicht de zoveelste extra inspanning moeten leveren om het onderwijs zo goed en zo kwaad als het kan overeind te houden. Diezelfde waardering geldt uiteraard in de eerste plaats ook vooral voor al het zorgpersoneel dat zich nu een slag in de rondte werkt voor alle patiënten op de intensive care. Nog niet heel lang geleden stonden onderwijs- en zorgwerkers op het Malieveld. Het zal toch niet wéér moeten gebeuren dat al deze werkers straks opnieuw naar dit zompige terrein moeten voor een gepaste erkenning en waardering voor hun inzet?    

 

Onze beide "coronaconiferen". Kwekerij Osdorp bezorgde in de eerste week van de lockdown aan alle bewoners in Oud Osdorp gratis deze miniconiferen.

Elke dag er even tussen uit in de altijd al uitgestorven Tuinen van West.

Wordt alles straks anders?

Als gepensioneerde is de huidige lockdown goed te doen, om het zo maar te formuleren. Officieel behorend tot de risicogroep houden we ons aan alle aanbevelingen: geen bezoek aan huis of elders, zoveel mogelijk thuis blijven, en tóch buiten, dan 1.5 meter afstand. Elke dag er tóch even op uit in de ruimte van het natuurgebied De Tuinen van West waar de enorme leegte en het gemis aan recreanten (ook normaal al!) opvalt. En we maken van de nood een deugd, of, eigentijds geformuleerd: de bedreiging omzetten in een kans. En o.a. daardoor hebben huis en tuin er nog nooit zo bijgewerkt bijgelegen!

Sociale contacten verlopen via apps als hangouts, houseparty, whatsapp: allemaal dus live-videoverbindingen die we tot dusver niet gebruikten. Ik denk dat we straks meer gaan thuiswerken, en we onze sociale media ook gaan inzetten voor werkelijke belangstelling voor en meeleven met de ander, zeker degenen die in deze periode dreigen te vereenzamen. En ... zijn we in staat deze aandacht en zorg voor die ander ook na de corona blijvend voort te zetten?

De vorige epidemie die ons land teisterde was de Spaanse Griep in 1918. In de familie van mijn vader sloeg deze ongenadig toe. Drie weken na de geboorte van mijn vader stierven op 13 en 14 september 1918 resp. zijn 5-jarige broer en zijn 1-jarige zus, terwijl mijn vader als baby ook ziek werd, maar toch herstelde. Zo'n familiegebeurtenis drukt je dan ineens met de neus op het besef dat het dus heel dichtbij kan komen ...

 

De lente in combinatie met de lockdown geeft ons nu alle tijd om de tuin in topvorm te brengen ...

Onze eigen Airbnb in de tuin blijft in deze tijd in ieder geval wél geopend en er zijn al serieuze gegadigden  ...

Moeder met haar 12 jonge wereldburgers, helemaal los van de thans voorgeschreven social distance ...

Het restant van het nog steeds oorspronkelijke eeuwenoude veenweidegebied tussen Ookmeerweg en Eendrachtpolder, thans onderdeel van het natuur- en recreatiegebied de Tuinen van West, dat overigens -altijd al- nauwelijks door recreanten wordt bezocht, dus ideaal voor een dagelijkse wandeling tijdens de huidige lockdown.